ZOEK

Allochtonen

Waarom aandacht voor de arbeidsmarktpositie van allochtonen?

De arbeidsparticipatie van allochtonen is de afgelopen jaren duidelijk toegenomen, terwijl hun werkloosheid behoorlijk is verminderd. Toch hebben allochtonen nog altijd een flinke achterstand op autochtonen:. In 2008 was hun arbeidsparticipatie lager (57 procent versus 67 procent) en hun werkloosheid hoger (9 procent versus 3 procent). Daarnaast zijn allochtonen vaker werkzaam op lagere beroepsniveaus dan autochtonen.

De diversiteit tussen allochtone subgroepen onderling is enorm. Maar voor bijna alle allochtone subgroepen is er sprake van een ongunstige arbeidsmarktpositie. Het aanpakken daarvan is noodzakelijk, zowel om economische als om sociale redenen. Er bestaan immers nog altijd tekortsectoren waar elk talent hard nodig is en er mogen geen groepen (bewust of onbewust) worden buitengesloten.

Gemiddeld hebben allochtonen een lager opleidingsniveau dan autochtonen; ook beheersen zij de Nederlandse taal gemiddeld slechter. Daarmee behoren zij tot de risicogroepen op de arbeidsmarkt, die in een neerwaartse economie vaak als eerste hun baan dreigen te verliezen. Tot en met het eerste kwartaal van 2009 heeft de groep allochtonen als geheel haar arbeidsmarktpositie nog wel weten vast te houden (CBS).

De voortijdige schooluitval is vooral onder allochtone jongeren hoog. De kans dat zij voortijdig uitvallen is ruim anderhalf keer zo groot als voor autochtone jongeren. Eenmaal uitgevallen hebben allochtone jongeren een veel grotere werkloosheidskans. Vinden ze wel werk, dan komen ze vaak terecht op tijdelijke, conjunctuurgevoelige banen.

Ook onder hogeropgeleide allochtonen is het werkloosheidspercentage twee- tot driemaal zo hoog als onder hogeropgeleide autochtonen.

Wat doet de RWI op dit terrein?

De RWI onderzoekt hoe de arbeidsmarktpositie en de arbeidsparticipatie van allochtonen verbeterd kunnen worden en adviseert daarover. Speciale aandacht besteedde de RWI aan de arbeidsmarktpositie van hogeropgeleide allochtonen (2006) en aan de arbeidsparticipatie van allochtonen binnen de zorgsector (2008).

In het RWI-advies 'Hogeropgeleide allochtonen op de arbeidsmarkt' (2006) concludeert de RWI dat de achterstand van hogeropgeleide allochtonen vooral veroorzaakt wordt door niet heel forse, maar wel reële belemmeringen, zoals een mindere taalbeheersing, een bescheidener opstelling tijdens sollicitatiegesprekken en een minder relevante of perspectiefvolle stage.

Relatief is de arbeidsmarktpositie van hogeropgeleide allochtonen wel beter dan die van lageropgeleide allochtonen. De RWI adviseert daarom om de doorstroom naar hogere onderwijsvormen (met name van MBO naar HBO) te bevorderen. Verder moet studieuitval onder allochtonen in vooral het HBO bestreden worden. Beter advies over de studiekeuze, betere begeleiding tijdens de studie en gerichte arbeidsmarktvoorlichting zijn dus nodig. Ook zouden allochtonen actiever moeten zijn in studentenverenigingen.

In het RWI-advies 'Diversiteit in de zorg vraagt om doorpakken' (2008) concludeert de RWI dat de participatie van allochtone vrouwen in de zorg te laag is, met name van Turkse en Marokkaanse vrouwen. Gericht werven van deze groep vrouwen biedt veel kansen en mogelijkheden om personeelstekorten terug te dringen. Ook kan zo de kwaliteit van zorg aan allochtone patiënten verbeteren.

De RWI roept sectorale organisaties op tot ontwikkeling van een gemeenschappelijk actieplan en doet suggesties voor de inhoud daarvan. Daarbij ligt de focus op het vergroten van de instroom vanuit het initiële onderwijs. Bij de studie- en beroepskeuzebegeleiding op het vmbo moet daarom betere voorlichting gegeven worden over arbeidsmarktperspectieven. Meer aandacht moet worden besteed aan culturele aspecten van werken in de zorg; ook aansprekende rolmodellen kunnen helpen. Effect wordt ook verwacht van gerichte acties onder de allochtone gemeenschap.

Naar aanleiding van het advies heeft de RWI op 9 april 2009 een platformbijeenkomst over diversiteit in de zorg georganiseerd voor de organisaties die in het advies worden geadresseerd. De bijeenkomst vond plaats bij Medisch Centrum Haaglanden, locatie Westeinde. Van deze bijeenkomst is een verslag gemaakt.