Bonaire, Sint Eustatius en Saba (BES) bevinden zich in een proces van bestuurlijke transitie, dat zal leiden tot een situatie waarin zij meer dan nu onder het Nederlands gezag vallen. De eilanden werken samen met de Nederlandse ministeries aan een sterkere aansluiting bij Nederlandse systemen. Eén van de ondersteuningsbehoeften hierbij is het verkrijgen van inzichten in de huidige aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt en op welke wijze deze aansluiting verbeterd kan worden. Eén van de redenen waarom het onderwijsaanbod niet aansluit bij de vraag vanuit de arbeidsmarkt is, dat er weinig overleg plaatsvindt tussen de onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven. De afstemming tussen de vraag en het aanbod kan verbeteren bij meer samenwerking. Samenwerking is nodig omdat de kleinschaligheid van de eilanden dwingt tot het zoeken naar creatieve en gezamenlijke oplossingen, bijvoorbeeld met betrekking tot praktijkruimte en stageplaatsen. Op de eilanden is echter het al dan niet hebben van het juiste diploma niet de belangrijkste oorzaak voor de mismatch tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt. Gediplomeerde schoolverlaters ondervinden namelijk veel concurrentie van on(der)-geschoolden. Ongeacht de hoogst genoten opleiding wordt door veel werkgevers het minimumloon geboden en de kansen op een baan zijn ook niet gerelateerd aan het opleidingsniveau. Deze onderwaardering leidt ertoe dat jongeren niet gemotiveerd worden om een opleiding succesvol af te ronden of te vervolgen. Het gevolg is dat de jongeren die dat willen en kunnen, niet alleen de eilanden verlaten voor een hogere opleiding, maar ook na het afronden van hun opleiding niet terugkeren omdat hen elders betere arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden geboden wordt. Bron: website Ecorys + rapport; bewerking RWI
Naar het rapport